Een van de dingen die ik ging beseffen was dat het heelal zich talloze miljarden jaren had ontwikkeld in volslagen duisternis en volkomen stilte en dat onze voorstelling ervan niet klopt met hoe het was. In het begin was er altijd niets. Nova’s explodeerden in stilte. In totale duisternis. De sterren, de passerende kometen. Alles bestond op z’n best als veronderstelling. Zwart vuur. Als het hellevuur. Stilte. Niets. Nacht. Zwarte zonnen die de planeten door een universum sleurden waarin het idee van ruimte betekenisloos was omdat het geen einde kende. Omdat er niets was om het mee te vergelijken. En dan is er weer de vraag wat de aard is van een realiteit waarvan niemand kan getuigen. En dat duurde tot het eerste levende wezen verscheen dat besloot het universum vast te leggen met zijn primitieve, sidderende zintuigen en het te voorzien van kleur en beweging en herinnering. Ik werd daar op slag solipsist van en tot op zekere hoogte ben ik dat nog.
-Cormac McCarthy, Stella Maris.
Ik heb nooit enige waarde toegekend aan de liberale idylle dat wij als mensheid in een rechte lijn richting Walhalla wandelen op deze eindige, toevallige planeet. Nu ook Nederland gevallen is voor de simplificerende en alles behalve rechtstatelijke ‘oplossingen’ van Wilders en de Wilders-faciliterenden ben ik nog somberder, zeker toen ik deze week het imho fel-realistische Civil War zag, van Alex Garland (Ex Machina, Annihilation). Ik blijf het van een Faustiaanse ironie vinden dat uitgerekend die kleine factie tech-ontwikkelaars in California met hun hemelbestormende pretenties feitelijk het eindspel in gang hebben gezet: de totale burgeroorlog van iedereen tegen iedereen, tegen een achtergrond van een ecologische apocalypse.
Plaats een reactie