Dit is waar het werkelijke gevaar in schuilt. Wat ons bedreigt is niet de techniek, maar het idee dat de mens zelf een stuk techniek is. Een machine die voorspelbaar en kenbaar is, en daarom altijd te verbeteren en optimaliseren valt. Een machine die ernaar verlangt een betere machine te worden. Die zijn lichaam glad, zuiver en steriel wil houden, zijn ziel positief en opgewekt, die geen imperfectie meer verdraagt, die kwetsbaarheid minacht, die zich vastpint met allerlei selftracking apps, als een dot on the screen, die zich met allerlei zelfhulpboeken in een vierkant gat probeert te duwen, omdat hij zich probeert aan te passen aan de wereld zoals hij is, omdat hij niet meer gelooft dat het anders kan, en zo keurig in het gelid als een gemartelde slaaf van de tijd voortmarcheert.
Het gevaar is, met andere woorden, dat we vergeten te dansen. [De Israëlische historicus Yuval Noah] Harari wil de strijd met algoritmen aanbinden door van de mens nog meer een machine te maken dan nu al gebeurt, maar de enige manier om die strijd te winnen is door te dansen. Alleen dan valt er te ontsnappen aan de rechtlijnigheid van technologie.
Wie danst, beweegt zich immers onvoorspelbaar. Die twerkt, heft een vuist omhoog, doet de robot, een gabberpasje en als het zo’n avond is misschien nog de rups. Het dansende lichaam schudt de schaamte van zich af, het vergeet alles wat nog moet en hoort en kan, en geeft zich in plaats daarvan over. Het dansende lichaam is niet vast te pinnen, het heeft geen vaste vorm, geen kern, maar stuitert zwetend op en neer.
Wie danst is vrij.
Marian Donner, Zelfverwoestingsboek. Waarom we meer moeten stinken, drinken, bloeden, branden en dansen (Uitgeverij Das Mag, 2019), p. 108-109. Illustratie: Frits Jonker.

Plaats een reactie